Tags

, , , , , , , , ,

Dit keer geen vijf verhaaltjes maar zes. En daarmee heb ik het hele alfabet afgewerkt. Reis je mee?

Upgrade – Ik vlieg bijna altijd economy class. Vroeger koos ik bijna altijd een stoel bij het raampje. Tegenwoordig kies ik vaker voor een stoel aan het gangpad. Dat heeft twee redenen. Ten eerste heb je aan één zijde een beetje bewegingsvrijheid met een arm of een been. En ten tweede kun je onmiddellijk na (of voor) vertrek gemakkelijk een betere stoel uitkiezen. Een paar keer kreeg ik een upgrade naar business class. Dat zijn cadeautjes. De eerste keer overkwam me dat in 2003. We zijn op weg van Amsterdam naar Denver (Usa). Ik strand al op Schiphol. Mijn handgeschreven Belgisch paspoort werd geweigerd door Delta Airlines. Ik mocht niet mee. Twee dagen later zit ik met een nieuw paspoort bij de gate. Ik hoor mijn naam omroepen. Bij de balie geven ze me een upgrade – een goed-makertje. Erg prettig.

Vic Falls – Officieel heet deze stad bij de watervallen natuurlijk Victoria Falls. Zimbabwe.

Bij Vic Falls (April 2006)

Bij Vic Falls (April 2006)

Ik bezocht de watervallen in de periode van extreme devaluatie van de Zimbabwaanse Dollar. In Harare had ik een mannetje dat mijn US Dollars gunstig wisselde. Ik had een tas vol Zim Dollars bij me. Als ‘slimme jongen’ was ik goed voorbereid. Ik kende de plaatselijke handigheden. Niet dus. Als vreemdeling, als toerist, was je verplicht om in Vic Falls alles in US Dollars te betalen. Zucht. Vijf dagen later waren mijn Zim Dollars nog geen kwart waard dan eerder die week. O ja, de watervallen zijn prachtig en zeer indrukwekkend.

Windhoek – Dikwijls krijg ik de vraag of ik niet vaak gevaar loop tijdens al mijn reizen. Mijn standaard antwoord is: “In Bergen op Zoom hebben ze tweemaal ingebroken en werd tweemaal onze auto gestolen.” Zoiets is me in Afrika of op mijn andere reizen niet overkomen. Enkel een paar kleine incidenten. Eén daarvan gebeurde in Windhoek, de hoofdstad van Namibië. We schreven ons in bij de balie van een backpackers-hotel. We vroegen waar we het busje met aanhanger konden parkeren. We konden via een zijstraat de auto op hun binnenplaats zetten. Bij het hek stond een jongen met blauw uniform. Hij hielp ons naar binnen manoeuvreren. Graham reed de bus en ik stond uitvoerig aanwijzingen te geven. Hij keek door zijn spiegels naar achteren. Die jongen liep rondom de auto en graaide plots mijn rugzakje mee en zette het op een lopen. Graham – een Zuid Afrikaan – begon te schelden, te rennen en stenen te gooien naar de dief die dus geen hulp bleek te zijn. Hij schrok waarschijnlijk zo erg van zijn achtervolger dat hij mijn tas in de berm gooide. ‘Dankie Graham’. Mijn paspoort, vliegticket en een beetje geld waren terug. Dat bespaarde me heel veel gedoe.

Xai-Xai – De hoofdstad van de provincie Gaza in Mozambique, zo’n 250 kilometer van Maputo. Deze X spreek je uit als een SJ. Een levendige stad vooral populair bij toeristen omdat er mooie stranden te vinden zijn. Snorkelen kan als je het (koraal)rif dat paralel aan het strand loopt, bent overgestoken. Verder kun je overal verse cashewnoten kopen.

Yahtzee – Een bekertje, een puntenboekje en een set dobbelstenen gingen altijd mee op vakantie. We hebben heel wat uurtjes spelletjes gespeeld op onze kampeervakanties. Scopa, slangen en ladders, mens erger je niet, diverse kaartspelletjes, scrabble, mahjong en yahtzee. We hebben heel wat score-boekjes vol gedobbeld. Een ideaal vakantie-spel. Iedereen kan het. Het gaat volgende week ook weer mee op vakantie.

Zanzibar – Ik heb het al vaker gezegd. Ik heb (had) een geweldige job.

Koen en Rufus op Zanzibar (2009)

Koen en Rufus op Zanzibar (2009)

Ik werd betaald om jaarlijks naar Zanzibar te gaan. Echt waar. Voor velen een exotische topbestemming. Natuurlijk is het werk. Maar je hoort me niet klagen. Tijdens een grote vergadering met ruim twintig collega’s maakten we een toeristische ‘spice tour‘. De meeste van ons begonnen er wat lacherig aan. Maar het was geweldig. Een aanrader mocht je ooit dit eiland voor de kust van Tanzania bezoeken.