Tags

, , , , , , , , ,

Wie is Martin? Een wervelwind. Een orkaan. Een tornado. Als een storm maar groot genoeg is dan krijgt hij (of zij) een naam. De storm die gisteren bij ons voorbij raasde luistert naar de naam: Martin. Hij moet nog drie worden. En hij was niet alleen. Hij had zijn hele familie meegenomen.

Isabel is goed bevriend met de Portugese familie F. Het zijn net geen ‘Tokkies’ maar het komt wel in de buurt. Zij emigreerden een jaar of tien geleden vanuit Lissabon naar Matola (Mozambique). Vader, een maritiem lasser, werd werkloos. De kinderen staan aan het begin van hun werkzaam leven. Moeder Manuela is huisvrouw. Zij hebben een getrouwde dochter en een drieling. Drie jongens, toen begin twintig. Een van deze drie zonen is nooit mee verhuisd naar Afrika. Hem heb ik nooit ontmoet. De rest van de familie wel. Een bijzonder gezin. Manuela beschouwt Isabel als haar Afrikaanse dochter. Dat uit zich af en toe in bezitterigheid. Er zijn periodes dat zij haar voortdurend belt. “Kun je dit voor me doen? Ken jij misschien die en die? Wij zoeken nog dit en dat. Onze auto start niet, kun jij …” Geen ingewikkelde zaken. Isabel werkte in die periode bij hen om de hoek. Ze ging er vaak langs. Vooral met Rui – één van de zonen – kan ze het goed vinden. Hij doet ook wel eens een klusje voor haar. Hij gaat uit huis en verhuist naar Maputo. En hij vindt een goede baan.

De spaarcentjes raken al gauw op en een Portugees pensioen is geen vetpot. André – de andere zoon – heeft jaren geleden een verkeers-ongeval overleefd en is daar niet helemaal ongeschonden uitgekomen. Hij loopt een beetje waggelend, heeft een verlaagd IQ, praat heel veel – voor mij en zelfs voor Isabel – onverstaanbaar Portugees, heeft een flinke ADHD-aanleg, rookt en drinkt veel teveel. Hij is een grote zorg voor zijn moeder. Hij woont thuis – dat kan ook niet anders. Hij vindt regelmatig een baantje maar verliest het al even snel. Hij is aardig en uiterst vriendelijk als hij niet gedronken heeft.

Na onze bruiloft zien we de familie F. niet meer heel vaak. Isabel werkt niet meer bij hen in de buurt. Af en toe een berichtje. We gaan er wel eens langs. Meer om sociaal te zijn dan dat we er echt iets te zoeken hebben. Isabel helpt soms mee bij een verjaardagfeestje. Rui werkt als filiaalhouder bij een grote verf-winkel. We krijgen een flinke korting als we begin dit jaar bij hem heel veel verf kopen voor ons nieuwe huis. Hij is ondertussen vader geworden (van Martin) en woont samen met zijn Mozambikaanse vriendin. Van zijn salaris moet hij ook zijn ouders en zijn broer onderhouden. Dat wordt steeds moeilijker. En hij staat jaarlijks garant voor zijn ouders en broer als de verblijfsvergunningen weer moeten verlengd worden. Een flinke kosten-post.

En dan wordt ook André vader. Zijn jonge, Mozambikaanse vriendin trekt ook in bij de familie F. Twee monden meer om te voeden. Pampers. Flessenvoeding. En alles wordt veel duurder door de crisis. Rui kan het niet meer bolwerken. Hij adviseert zijn ouders om terug te keren naar Portugal. Zij hebben daar nog een huis en de uitkeringen en pensioenen zijn daar iets gunstiger. De details ken ik niet. Aanvankelijk willen ze niet terug. Isabel wordt ingeschakeld om mee na te denken over hun toekomst. En dan hoort ze niets meer tot vorige week Rui haar belde dat het vertrek aanstaande is.

Vandaag is het zover. Vanmiddag vliegen ze terug naar Lissabon. Het Afrikaanse avontuur is ten einde. André is vorige week hals-over-kop getrouwd met zijn vriendin anders kan zij niet mee naar Portugal. Visa, verblijfsvergunning … ik weet het niet. Rui en zijn gezinnetje blijven in Maputo. Net zoals zijn zus en haar gezin. Isabel neemt een halve dag vrij en gaat bij ze langs. Het huis is bijna leeg. Ze houdt me telefonisch op de hoogte. We overleggen even en dan nodigen we ze uit om bij ons te komen eten. Een afscheid-etentje.

En daar begint het verhaal over cycloon Martin. Ik heb in no time eten klaar gemaakt voor zes extra gasten, twee kinderen, Isabels moeder die werd opgetrommeld om ook afscheid te nemen en voor onszelf. Gelukkig kon ik deels terugvallen op restanten van het tante-diner van een paar dagen geleden. De tafel gedekt op de veranda en daar komt het gezelschap aanwaaien. “Of ze alvast iets willen drinken?” Ja, dat willen ze wel. Een eerste fles rode wijn gaat open. Een fles nep-champagne volgt al spoedig en voor de laatste zijn glas heeft ontvangen, vraagt André zijn tweede blikje 2 M (bier). De twintig chamusa’s die Dona Isabel heeft meegebracht zijn verorberd voordat ik ook maar de kans kreeg ernaar te kijken. Laat staan te proeven.

Martin en zijn jongere neefje zijn na vijf minuten ontdooid en gaan op verkenning. Het eerste houten beeld wordt omver getrokken. Een Afrikaanse trommel wordt vakkundig (niet dus) verplaatst. Binnen in huis krijgt Martin de gitaar van Isabel te pakken en sleept het instrument over de vloer naar buiten. Een chamusu wordt op de vloer vertrappeld door vier kindervoetjes. Een bakje met schelpen en bijzondere stenen geeft veel plezier, vooral als je ermee naar elkaar kunt gooien. Hun ouders (en grootouders) treden nauwelijks op. Ik ben te druk in de keuken maar weet donders goed hoe Isabel zich voelt.

Martin en Rui F.

Martin en Rui F.

Ik zet alles op tafel en loop op en neer tussen keuken en veranda. Martin weet steeds mee naar binnen te glippen. Hij ontdekt alle lades in de keuken. En de knopjes op het fornuis. Hij maakt zich boos omdat hij de ijskast niet open krijgt. Zijn vader spreekt hem vermanend toe. Veel te soft in mijn ogen. Twee minuten later vind ik Martin in mijn kantoor. Zo’n bureaustoel op wieltjes is geweldig speelgoed voor een bijna driejarige. Ik trek de deur dicht en spreek hem enigszins streng toe. “Je mag alleen op de veranda spelen, niet binnen in huis. Begrepen?” Het maakt even indruk op hem. De familie is nog meer verbaasd dan ik. Zijn neefje is jonger en graait met zijn vingertjes in het eten en smeert dat even later af aan de kussens op de bank. Een paar koekjes kunnen hen nauwelijks afleiden. André is al weer toe aan zijn volgend biertje. Nummer zes of zeven, denk ik. Niet verwonderlijk dat hij elke tien minuten de wc opzoekt. Een volgende fles wijn gaat open. Een glazen wijnkaraf sneuvelt. Dat is even schrikken vooral van de scherven op de grond. Even niet rondkruipen maar blijven zitten op je stoel. Dat lukt nauwelijks vijf minuten.

Ondertussen is een industrieel lasapparaat van vader F. naar ons schuurtje verhuisd. Dat ding weegt als lood en kan niet mee naar Portugal. Ik spreek af met Isabel dat het bier op is. Genoeg is genoeg. Er wordt nog wat nagepraat. André komt nog wel zeuren om meer bier maar hij gelooft uiteindelijk dat het op is. Ik wens ze allemaal een goede reis en een betere, gezonde toekomst in Portugal. De bedoeling is dat de hele familie achterin de laadbak van Rui’s auto klimt. Dat lukt niet. André is gevaarlijk dronken en zijn moeder kan zo hoog niet klimmen. Isabel brengt een deel van hen terug naar het bijna lege huis in Matola Cidade. Een uur later is ze terug. Ik heb ondertussen samen met Todinho de schade min of meer hersteld. Opgeruimd. Schoonmaken kan morgen.

Om half twaalf liggen we in bed. Klaar wakker. De storm is gaan liggen. De adrenaline raast nog rond. Ik hoop dat het niet de voorbode was van meer tropische orkanen …