Tags

, , , , , ,

Eigenlijk bedacht ik gisteren de titel ‘Alweer een begrafenis’. Want dat was de realiteit vorige week. Zondag was de begrafenis van Tia Helena waarover ik al eerder schreef. Zwager Nando stapte dinsdagavond weer op de bus terug naar huis in Johannesburg. Hij kon onmiddellijk rechtsomkeer maken. Isabel was nauwelijks naar haar werk vertrokken op woensdagochtend of ze belde me. Neef Brito is overleden. Ik kon het nauwelijks geloven. Nog geen veertig. We maakten twee weken geleden plannen om binnenkort samen naar een voetbalwedstrijd te gaan. Een lokale selectie uit Maputo tegen de Old Stars van Barcelona in het Nationale Zimpeto Stadium.

‘De Dood’ waart hier in Afrika rond als een sluipmoordenaar. En opnieuw zijn onze dagen gevuld met rouw-rituelen. De familie bezoeken op het erf in Mafalala waar wij enkele jaren geleden onze lobolo-bruiloft vierden. Bijdrage geven aan het familiefonds. Een praatje maken met ooms en mij volstrekt onbekende neven. De volgende ochtend naar het kerkhof. Opnieuw veel volk op de been en opnieuw ben ik de enige blanke. Later sluit ik me weer aan bij de familie en koop frisdrank en twee bakken bier. Ook dat hoort erbij.

Onze zaterdag staat voornamelijk in het teken van de ceremoniën voor de overleden familieleden. Op zondagochtend na de begrafenis komen de families bijeen bij het graf.  In ons geval moet ik de meervoudsvorm gebruiken: graven. Gelukkig is dat op hetzelfde kerkhof. Volgende halte is op het erf van Tia Helena. De zussen en broer gaan overleggen wat er met haar weinige bezittingen en kleren zal gebeuren. Ik schuif korte tijd aan maar maak liever een wandeling in de buurt en strijk neer bij een stalletje, samen met een neef. Drie 2M’tjes later gaan we weer terug voor een typisch Mozambikaanse lunch met chima en matapa. Isabel vertrekt nu naar de andere familie voor soortgelijke activiteiten. Ook daar gaat het over de financiële zorgen van de weduwe. De bijdrages in het familiefonds zijn verre van toereikend voor de gemaakte kosten. Ik hoop dat onze gift de directe nood een beetje helpt verlichten.

En dan is het maandag. Ik kan terugvallen op een soort therapeutisch ritme. De wekker loopt af om 5u. Ik ga plassen en zet een pot thee. Vervolgens kook ik het lunch-potje voor Isabel. Spaghetti met verse bolognaisesaus. Een een bakje fruitsalade als toetje. Om tien voor zes geven we elkaar een zoen en zij vertrekt. Ik zit op de veranda in de ochtendzon. Een tweede kop thee en het wielerblad Bahamontes op schoot. Ik lees tot half zeven en check of er al water geleverd wordt. Ja, dat is zo. (*) Ik begin aan een uurtje planten water geven. Ik smeer een boterham, spoel het zand van mijn voeten en neem een duik in het zwembad. Tien minuten later komt onze huishoudelijke hulp en begin ik aan een volgend klusje. Alle houten zaken – beelden, stoelen, trommels en een tafel – op onze twee veranda’s snakken naar ‘voedsel’. Vernis, beits, terpentine en wat poetsdoeken. Ik vervolg mijn therapeutische bezigheden.

Noodzakelijk onderhoud

Er is nog een waslijst met andere klusjes. Voorlopig focus ik me op het onderhoud en herstel van een aantal beelden. Prettige werkweek … ook voor jullie.

(*) Water wordt hier in het buitengebied gemiddeld twee à drie uur per dag geleverd en meestal maar vijf keer per week. En dat op onregelmatige momenten. Wel vaak ’s morgens rond 6u. Daarom hebben de meeste huishoudens een (grote) watertank op het erf, daarmee hebben wij wel 24u per dag water want een tank van 2500 liter is een aardige voorraad.