Tags

, , , , , ,

De volledige titel van het boek dat ik las in mijn doorwaakte nacht is: “Vuur. De Olympische Spelen van Mart Smeets”. Een persoonlijke terugblik op de zomerspelen waar hij als journalist aanwezig was. Achtien hoofdstukjes waarin hij herinneringen ophaalt aan interviews met sportlui. In sommige stukjes kijkt hij – twintig jaar na hun Olympische deelname – terug naar die periode samen met de sporter(s).

Het gaat vaak om grote namen. Carl Lewis, Michael Jordan, Edwin Moses, Flo-Jo (Florence Griffith). Ook Hennie Kuiper, Leontien van Moorsel, Connie van Bentum, De Nederlandse volleybalploeg (zilver in Barcelona, goud in Atlanta) en vele anderen.

Vuur

In Nederland heb je twee categorieën: mensen die Mart Smeets haten en mensen die hem waarderen. Ik hoor bij de tweede categorie. Ik heb bijna al zijn boekjes gelezen. Met plezier. Ook dit boekje.

Het is een uitgave van 2008, uitgebracht net voor de Spelen in Beijing. Het leest heel gemakkelijk. Mooie herinneringen komen boven. De meeste van die sport-momenten herinner ik me. Soms vertelt Smeets over zijn herinneringen aan interviews. Een sjansende Flo-Jo, de 95 seconden met sprintkanon Michael Johnson, de toevallige ontmoeting op een muurtje met Stefan Edberg.

Het beste hoofdstukje vind ik de terugblik met Ron Zwerver op tien jaar top-volleybal, eindigend met een gouden medaille in Atlanta. Echt een kijkje achter de schermen. Iets dat nooit mogelijk is tijdens een actieve sportcarrière. Een soort geschreven ‘Andere Tijden Sport’.

Ik citeer een kort stukje over de aankomst van de ploeg in het Olympisch dorp van Atlanta. Gemiddeld zijn die jongens 2 meter plus. Lange kerels. Ron Zwerver vertelt …

“En toen kwamen we in het dorp aan. We hadden ruim van tevoren onze wensen duidelijk kenbaar gemaakt: liefst bedden van 2.20 meter lengte en nog iets van een bankje erachter. Dat was toch niet teveel gevraagd met al die lange kerels? Ik zie die Hans Jorritsma daar nog lopen, die vent die nu bij de voetballers zit. Wij roepen: “Hans, alles goed geregeld?” en hij lachte toen als een boer met kiespijn. Wij naar onze kamers. Niets geregeld natuurlijk, kleine kutbedjes, stapelbedjes ook nog. Wij weer naar beneden. “Lekker gedaan Hans, goed geregeld.” Zo kwamen we inderdaad het dorp binnen. We hebben binnen de kortste keren alles verbouwd en al het houtwerk verplaatst. We sliepen wel met matrassen op de grond. Dat houd je toch ook niet voor mogelijk. Olympische Spelen, echte topsport en dan dat! Amateurs. En natuurlijk raakten de toiletten verstopt en natuurlijk was er geen airco. Prachtig allemaal.” 

Uit: Vuur van Mart Smeets pagina 157 – 158 – uitgeverij ‘Nieuw Amsterdam’ 

Leuk boekje. Een echte ‘Mart Smeets’.

In de serie: Olympische Spelen / Boeken / #08/40

Advertenties