Tags

, , , , , , , , , ,

Je kunt vandaag geen (internet) krant openen of het woord ‘Vlissingen’ staat in grote letters op de voorpagina. Het (Nederlandse) kabinet heeft vandaag bekend gemaakt dat de mariniers toch niet verhuizen naar Vlissingen. Deze mededeling zat er al een tijdje aan te komen tot grote ontsteltenis (en woede) van menige Zeeuw. Onbehoorlijk bestuur en compensatie (en soortgelijke termen) vliegen in het rond. Ik heb een groot hart voor Zeeland dat is algemeen bekend bij mensen die me kennen. Ik heb niet echt een mening wat de beste plaats is voor het Korps Mariniers. Ik vind wel dat iedereen zich aan afspraken moet houden. Dat geldt ook voor mezelf, voor mijn familie, mijn buren, mijn vrienden en dus ook voor de politiek.

Isabel in Vlissingen (2017)

Ik was helemaal niet van plan om vandaag een stukje over Vlissingen te schrijven. Wel over het hondje van de Ruyter. ‘Welk hondje?’ hoor ik jullie vragen. Ik leg het uit. Ken je Vlissingen? Dan herken je de plek waar Isabel vriendelijk lacht naar de fotograaf (de schrijver van dit stukje). “Happy Valentine, my love”. In Vlissingen bij het Keizersbolwerk – boven de kazematten. Als ze niet naar mij zou kijken zou ze het standbeeld van Admiraal Michiel Adriaanszoon de Ruyter zien.

Michiel de Ruyter (Vlissingen)

Het standbeeld van Michiel de Ruyter staat tegenwoordig op Boulevard de Ruyter in zijn geboorteplaats Vlissingen. Het gietijzeren standbeeld uit 1841 is van de hand van de Vlaamse beeldhouwer Louis Royer. Op het beeld is De Ruyter te zien, staande op een scheepsdek met de rug naar het stuurwiel, met een kijker in de hand en de andere hand in de zij. Onder zijn linker arm lijkt een hondje te zien te zijn. Niemand weet waarom dat daar zit.” (Bron: Stichting de Ruyter)

Over dat hondje wil ik iets zeggen. Maar eerst nog even iets toevoegen: “Het ‘hondje’ is goed verborgen onder de linkerhand van Michiel. Het is echter geen hondje en evenmin een lammetje (een verwijzing naar Michiels eerste werkgevers, de familie Lampsins), maar een leeuwenkop. Een sjerp omgordt het middel van Admiraal de Ruyter – een sierlijk gewerkte draagband – waarin een kort zwaard hangt – deels over zijn schouder. In zijn linkerhand – rustend op de sjerp – houdt hij een uitgetrokken handschoen vast. Het ‘hondje’ onder de mantel is de gevestknop van zijn sierdegen, dat een leeuwenkop voorstelt.” (Bron: het gedenkschrift ter gelegenheid van de oprichting in 1841 van dit standbeeld van de Mechelse beeldhouwer Louis Royer)

En nu ga ik uitleggen waarom ik over dit niet bestaande hondje schrijf. Begin 1990 zie ik een advertentie – ik denk in De Volkskrant. Het Zeeuwse jeugdtheatergezelschap ‘Het Hondje van de Ruyter’ is op zoek naar een regisseur of artistiek leider. Ik solliciteer en wordt aangenomen. Ik zal twee teksten en producties bij deze groep respectievelijk schrijven en regisseren. ‘Dasseburcht’ en ‘Water’. Meer daarover morgen in mijn wekelijks ‘Repertwaar’-stukje. Dit gezelschap gebruikte eerder de naam THEATER DODD – Deurtje open, Deurtje dicht – met oa Bram Kwekkeboom als initiatiefnemer en bezielende acteur.

Ps. Nog een laatste toevoeging. Het Zeeuwse gezelschap Muziektheater Zeeland uit Goes (waarvoor ik in 2000 en 2001 tweemaal een musical regisseerde) speelt binnenkort: Michiel de Ruyter – de Musical. Er zijn nog kaartjes heb ik begrepen.