Tags

, , , , , , , , , , , ,

Iedereen kent deze uitdrukking wel die zoiets betekent als: verder gaan na een onderbreking. Dat is de realiteit op deze eerste maandag van het jaar. Een heel gewone dag – althans zo lijkt het. De kerstperiode zit erop. Morgen de kerstboom afbreken en de kerstspullen opruimen. Ik houd me meestal aan de traditionele data. Kerstboom optuigen NA Sinterklaas. Alles opruimen rond (voor of onmiddellijk na) Driekoningen (6 januari).

Maar het was geen normale decembermaand. Zoals bijna iedereen verplaats ik me op de vierkante centimeter met steeds dezelfde mensen. Onze vierkante centimeter valt gelukkig wel mee, we hebben een grote tuin. Hoeveel mensen heb ik gezien sinds 15 december? Acht. Ik tel het nog even na. Ja, acht. De paar mensen in de supermarkt en bij de benzinepomp tel ik niet mee. Acht. Isabel (uiteraard). De schoonmaakster, de tuinman, de ouders van Isabel, Techa, Per en Wilhelm (goede vrienden) die zaterdag samen met ons online naar de uitvaart van Jean Jacques keken.

Het was mooi (nou ja, een uitvaart is natuurlijk verschrikkelijk, vreselijk, afschuwelijk … niet mooi). maar toch zeg je dan: “Het was mooi.” Klein en ingetogen. In besloten kring door de corona-regels. Wij keken mee via het televisie-scherm. Het is emotioneel, zeer emotioneel. Ik hou de emoties onder controle want ik vertaal alles (veel) dat gezegd wordt want de andere toehoorders verstaan geen Nederlands. Ik schiet vol als Martine “Koen en Isabel” zegt, onmiddellijk gevolgd door “Koen en Ine” en nog wat later “Dominiek en Maartje. Rob en Rita”. En vele anderen. Het beeld dat Geert Mak schetst van Jean Jacques in het zonnetje voor hun huis in Jorwerd dat hij vergelijkt met zijn kleindochter die met suikerspin een ander meisje wilt zijn en hoe hij op dat moment Jean Jacques wilt zijn …. is zeer mooi getroffen. Het vertalen schiet er even bij in …

De kaarsen worden weggehaald. Nog even zien we de kist – door Hanneke geschilderd. In gedachten zie ik Hanneke, Joa en Daphne, Anneke en alle anderen de kist vergezellen en de Grote Kerstraat oplopen. Op tv zien we dat niet. Dat hoeft ook niet. Wij lopen naar de veranda. Stil. Flink slikken. Een sigaretje. Per dan toch, ik rook niet. Een zucht. Een traan. En dan heffen we het glas. L’Chaim. Op het leven. Op Jean Jacques. Bij gebrek aan een goede Port (sorry JJ) proosten we met witte wijn en 1920 (een brandy). Isabel steekt een sigaartje op (gekregen tijdens zijn laatste bezoek in maart). Het is gek … onmiddellijk is Jean Jacques aanwezig op onze veranda. Geuren zijn heel associatief. Dat er nog veel van dit soort momenten mogen volgen.

Na het overlijden van Ine (zomer 2005) bleef ik ook een paar weken in mijn eigen cocon. Eerst om van alles administratief te regelen. Zakelijk en persoonlijk. Ik ging in zee met een nieuwe boekhouder (ook een ZZP’er). Hij heeft me toen goed geholpen. Nog steeds trouwens. Verder maakte ik fotoboeken en ruimde kartonnen dozen op. Een zelfde neiging heb ik nu. Voor de uitvaart heb ik (op verzoek) foto’s van Jean Jacques opgespoord en aangeleverd. Dat was een fijne en emotionele bezigheid. Een paar duizend foto’s van onze reizen en bezoeken. Onze werkprojecten samen. Sommige foto’s had ik jaren niet meer gezien. Herinneringen komen terug. De knoop in mijn maag (buik) werd er niet minder van maar dat geeft niet.

Gisteren hebben we laat gebruncht. Ik had bedacht dat ik even wat eet-boodschappen zou doen maar het is er niet van gekomen. We kropen op de bank en we vergaapten ons aan het leed van anderen. Een dagje en avondje netflixen. De laatste vier afleveringen van ‘Tiny Pretty Things’ en de eerste vier afleveringen van ‘Bridgerton’.

Een gewone maandag. Isabel vertrekt als gewoonlijk om 6.30 naar haar werk. Ik draai twee wasjes. Ik lees de krant. Ik maak een weekplanning. Ik lees wat blogs. Ik pak de draad weer op. Ik schrijf dit logje. Straks geef ik mijn eerste online-les van 2021.