Tags

, , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

6 januari. In veel katholieke landen een belangrijke dag. Twaalf dagen na de winter-zonnewende. Twaalf dagen en nachten stond de natuur even stil maar vanaf nu wordt het merkbaar lichter. De natuur ontwaakt. Lang geleden was 6 januari een dag om feest te vieren. De wereld even een dag op z’n kop zetten. De gekken krijgen figuurlijk de sleutels van het stadhuis in handen. William Shakespeare schreef de komedie ‘Driekoningenavond’ (Twelfth Night). Ik regisseerde deze klassieker bij Het Zunderts Toneel (1997).

Enkele weken geleden zag ik bij toeval het zinnetje: “Geen Drie Koningen- maar Vier Koningenfeest“. Er stond een foto bij. Mijn aandacht was getrokken. Ik keek naar de foto en ging op zoek naar wat extra informatie.

Vier-koningenfeest (1506) – Francisco Henriques

Verdomd het is waar. Het zijn er vier. Ik zie veel bekende elementen. De stal met een zichtbare ezel, moeder Maria met haar pasgeboren kind op schoot (Jezus) en links de bezoekers met cadeautjes. Maar wie is die vierde koning? Ik herken Caspar, Melchior en Baltazar. Wie is die gozer in het midden – met speer en verentooi?

De Brugse renaissanceschilder Francisco Henriques schilderde van 1501 – 1506 het belangrijkste altaarstuk van de kathedraal van Viseu in Portugal. Dit bestaat uit veertien panelen die hij samen met zijn Portugese leerling Vasco Fernandes maakte. Eén van die panelen laat het Vier Koningen Feest zien met het pasgeboren kindje Jezus. De vier koningen zijn Melchior uit Europa met goud, Caspar uit Azië met mirre, Baltazar uit Afrika met wierook en een koning uit ‘Amerika’ met een houten beker waarvan de inhoud vermoedelijk cacaobonen zijn. Het schilderij is te zien in het Museu de Grão Vasco te Viseu.

De Amerikaanse koning is het opperhoofd van de Tupinambá. Een indianenstam uit Brazilië. De ontdekker van Brazilië Pedro Álvares Cabral maakt in 1500 kennis met deze stam. De Vlaamse schilder respecteerde de laat middeleeuwse traditie dat de Drie Koningen vertegenwoordigers zijn uit de toen bekende wereld: Europa, Azië en Afrika. Nu er voor Portugal een nieuw gebied is ontdekt – men wist nog niet of dit gebied in Azië lag of in een nieuw continent – voegt Francisco Henriques deze nieuwe vertegenwoordiger toe aan het traditionele driekoningen-tafereel.

De Tupinambá waren naar verluid kannibalen. Het Rijksmuseum heeft een drieluik waarin deze Braziliaanse indianenstam staat afgebeeld.

De behandeling van krijgsgevangenen door de Tupinambá-indianen, in drie taferelen (Anoniem ca 1630)

Links een processie van gewapende indianen met in het midden een leider in een draagstoel begeleid door enkele muzikanten. In het midden een stoet van indianen bewapend met knotsen, pijl en boog en speren, in het midden een indiaan in wit gewaad met een stok met veren op een draagstoel. Rechts naakte krijgers met een gevangene vastgebonden met touwen, op de grond en rechts bij een vuur enkele vrouwen met kinderen.

Dit was waarschijnlijk een fries voor een schoorsteenmantel, vermoedelijk uit het Koloniaal Magazijn van de West-Indische Compagnie te Amsterdam. De fascinatie in Europa voor de oorspronkelijke bewoners van Zuid-Amerika was in de 17de eeuw groot. Hun (vermeende) kannibalisme sprak zeer tot de verbeelding. Een groot deel van de voorstelling is gefantaseerd en zegt meer over de westerse blik op de Nieuwe Wereld, dan over het leven van de Tupinambá.

Een leuk extra weetje is het niet verifieerbaar verhaal van de Duitse soldaat en zeeman Hans Staden. In 1554 werd hij acht maanden gevangen gehouden door de Tupinambá. Ze zouden hem (willen) opeten. Dankzij een list van een Franse kapitein kon Hans Staden ontsnappen en hij keerde terug naar Duitsland. Hij schreef zijn belevenissen op en zijn boek uit 1577 werd een bestseller.

In de serie: BEELDENDE KUNST