Tags

, , , , , , , , , , , , , , , , , ,

Vorige week lanceerde blogcollega Satur9s World een idee. Een challenge … ik heb een hekel aan dat woord. Ik zie haar idee meer als een uitnodiging om je eigen gang te gaan.

Het eerste thema: koffie of thee. Een foto of een paar foto’s en een stukje over datzelfde thema. Een onderschrift, een herinnering, een gedicht of zomaar een fantasieverhaaltje. Deze omschrijving heb ik zelf toegevoegd aan mijn ‘Dertig-dagen-foto-schrijven’.

De titel laat al vermoeden dat ik geen voorkeur heb. Wil ik thee of wil ik koffie? Ik drink het allebei. Als kwantiteit een criterium is dan wint thee. Ik drink veel meer thee dan koffie. En geen voorkeur gaat nog verder. Welke thee? Geen voorkeur. Ik drink earl grey, thee met fruitsmaakjes, citroenthee, gember-rooibos, ceylon tea, kamillethee. Isabel maakt vaak zelf thee met bladeren van bomen uit de tuin. Ik drink het allemaal. Geen voorkeur. Meestal zonder suiker, af en toe met honing al dan niet met citroen. Ik zet ’s morgens vaak een grote pot thee, drink dan één grote kop warme thee. De rest schenk ik over in een kan en die kan gaat in de ijskast. Gedurende de dag drink ik dan ijsthee.

Bij ons thuis (in mijn jeugd) dronk mijn moeder meestal thee en mijn vader Moccona uit zo’n glazen pot of Nescafé. Oploskoffie. Op feestdagen of als er bezoek was dan werd er een ‘filterke’ aangeboden. Mijn ouders hadden daar aparte ijzeren opzetstukjes voor met een soort plat koffiezakje. Later kon je plastic koffiebakjes kopen. Ze stonden altijd ergens in de kast te verpieteren. Ik herinner me niet wanneer ik zelf voor het eerst koffie dronk. Ik denk bij mijn grootouders. Koffie met veel melk.

Koffie leuten is geen Vlaamse activiteit. Ik maakte kennis met het traditionele koffiedrinken rond een uur of 10 toen we jaarlijks op zomervakantie gingen naar Terschelling. Alle Nederlandse buren deden eraan mee. Elke ochtend voor een andere tent, tussen de windschermen. Bij tante Trijn en ome Eppo, bij Roodermond, bij Elzer, bij tante Janny en Ome Willy, bij Nauta, bij Postmus. Mijn ouders kenden deze gewoonte niet. En zoals je weet trok deze jongen eind jaren 70 naar het hoge noorden. Studeren op de AVEK. Daar stonden twee grote koffiezetapparaten in de keuken. Je kon koffie tappen zoveel je wou. Thuis in Boelenslaan en later in Wyns stond er altijd een koffiezetapparaat in de keuken. Het werd verschillende keren per dag gebruikt. Er was altijd een onverlaat in huis die vergat het warmhoudplaatje uit te schakelen. Niks zo goor dan de geur van uitgekookte restjes koffie onder in de glazen pot.

Elk Nederlands huishouden heeft (had) een vergelijkbaar ding in huis. Vaste prik in het keukenkastje: een pak filterkoffie (soms een tweede pak met cafeïnevrije koffie. Een doos met de papieren filters. Melitta. Ik kocht vaak het verkeerde formaat filters. Te klein of te groot. Koffie kreeg nooit heel veel aandacht van me. Ik dronk koffie maar ik kon het ook zomaar een paar dagen vergeten en dat is trouwens nog altijd zo. Na een lekker etentje vind ik koffie wel lekker – niet thuis maar in een restaurant. Liefst met een cognacje en een stukje chocola.

We hebben altijd gekampeerd dus ook daar moest iets – zonder elektriciteit – op gevonden worden. Ik herinner me drie variaties. Ik toon ze in historische volgorde.

Die laatste variant – percolator – gebruik ik nog af en toe in Mozambique. Een cadeautje van Jean Jacques (snik) en Co. Maar eerst nog even terug naar Bergen op Zoom.

Ik kocht een chique espresso-apparaat voor Ine’s vijftigste verjaardag. Een Bosch. Op dat moment de Rolls Royce onder de thuis-espresso-apparaten. Bovenin doe je de bonen. Je stelt de maling in en de hoeveel water. Je drukt op een knopje. Je hoort dat de koffie wordt gemalen en even later druppelt de koffie in je kop of tas. En mocht je melk willen schuimen, dan kan dat ook met hetzelfde apparaat.

Na een paar jaar ging er iets mis. Gelukkig heeft Yvonnes vader er een nieuwe rubberen ring in gemonteerd. Ik kon weer jaren vooruit. Zeker op maandagochtenden als ik mijn traditionele sms ‘koffie klaar, de deur is los’ naar buurvrouw Luus stuurde. Het apparaat heeft de verhuizing uit Bergen op Zoom niet gehaald. In Mozambique gebruiken we een Delta-apparaat.

Als ik ‘we’ gebruik in de vorige zin bedoel ik meer Isabel dan mezelf. In dit apparaat doe je een capsule, sluit je het apparaat en druk je op een knop. Je hebt drie keuzes: weinig water, ietsjes meer water of een volle kop water. Koffie uiteraard. Het is een vreselijk duur systeem. Het apparaat kost weinig, de capsules kosten bijna 60 eurocent per stuk. Vergelijk het maar met een printer (relatief goedkoop) en de cartridges (erg duur).

Heb ik nog andere koffieverhalen? Ja natuurlijk wel. Ethiopië. Ik ben er gedurende acht jaar heel veel geweest. Ethiopië is één van de bakermatten van de koffie. Koffie, het ‘zwarte goud’ van Ethiopië. Bereket nam ons mee naar de plaats waar ooit de koffieplant (boon) werd ontdekt door een herder. Hij constateerde dat zijn geiten – die van die onbekende plant aten – veel actiever waren dan de geiten van zijn buurman lager in het dal. Vlakbij dronk ik een kopje koffie. Zoals er nog veel zouden volgen – al dan niet met een traditionele koffieceremonie.

Laat ik afronden. In de titel schrijf ik ‘Zonder voorkeur’. Hoe drink ik mijn koffie het liefst? Het maakt me niet uit. Echt niet. Zwart. Zwart met suiker (als de koffie heel sterk is, maar het hoeft niet). Met melk. Koffie verkeerd. Met geschuimde melk. Latte macchiato. Galão (al dan niet oscuro). Cappuccino. Het is me allemaal om het even. Echt waar. Ook ijskoffie vind ik lekker. Met koffiemelk of gecondenseerde melk … nee, laat maar. En als ik een week geen koffie drink … ik zal het nauwelijks hebben gemerkt. Of ik ’s avonds koffie vermijd omdat ik dan niet kan slapen? Ik heb nog nooit geconstateerd dat het zo is. En jullie?

Volgend thema: ‘Kader in Kader’.

ps. Misschien moet ik ooit een ode schrijven aan de wondermooie theevelden die ik in Oeganda en Kenya zag. Zo mooi. Beeldschoon.

In de serie: DERTIG DAGEN FOTO SCHRIJVEN