Tags

, , , , , , , , , , ,

Precies drie weken geleden maakte ik mijn traditionele hup. Van Nederland naar Mozambique. Op bezoek, thuis bij mijn geliefde Isabel. (*) Je zou denken dat ik dat steeds gemakkelijker doe. Ik weet het niet. Eerlijk gezegd zijn de corona-regels een sta in de weg om te kunnen vergelijken met eerdere jaren. De reistijd blijft min of meer hetzelfde. Kortweg gezegd: 24 uur van huis naar huis. Dit keer iets langer want ik moest ruim 8 uur wachten (doodslaan) in Rome. Natuurlijk is dat gelukt want de klok tikt gewoon door. Omdat mijn werkzaamheden onmiddellijk van start gingen nam ik weinig tijd om terug te kijken. Ik kreeg en krijg uiteraard heel vaak de vraag: “Hoe was je vakantie?”

Ja, hoe was de vakantie? Laat ik beginnen met te zeggen dat ik mijn tijd in Nederland niet persé als vakantie heb ervaren. Ja, er waren dagen die op vakantie leken. Zeker weten. Maar de belabberde zomer (ik heb het over het weer) nodigde niet echt uit om gestrekt op een handdoek te gaan liggen niksen op een strand. Mijn niksen op een strand bestaat meestal uit kilometers lang wandelen langs de vloedlijn. Als de regels en het weer het toestaan liefst in mijn blote niksie. Verder hou ik van een korte plons in de zee, veel lezen en een paar keer een kort bezoek aan een strandtent. Het is er niet van gekomen. Niet in Dishoek, niet in Vrouwenpolder, niet in Zandvoort, niet op Terschelling. Ik heb de Noordzee NIET gezien. Ook de Waddenzee niet. Wel het Nauw van Calais of moet je dan zeggen: Het Kanaal?

Ik heb uitermate genoten om weer thuis in Leeuwarden te zijn. Super om Hanneke vaak te zien. Wat is Leeuwarden toch een fijne stad. Onvergelijkbaar met toen ik er net kwam wonen in 1979. Leeuwarden bruist nog steeds – met dank aan de na-effecten van Culturele Hoofdstad van Europa (2018). Ik haalde bijna dagelijks mijn 10.000 stappen. Ik ging naar de film, liep over de markt, vernieuwde mijn bibliotheek-abonnement. Ik bezocht concerten. Ik ging uit eten in de plaatselijke horeca, ik kookte zelf of schoof aan bij vrienden. Ik las veel en keek relatief weinig tv of Netflix.

Ik zat heel veel op de trein. Een paar keer leende ik een auto. Van Catelijne of van Hanneke, dank daarvoor. En ik huurde ook voor korte tijd zelf een auto. Tot zover klinkt alles positief. Vind je niet? Voelt het ook zo? Tja, ietsjes minder. De hele tijd maalde al die veranderende corona-regels door mijn hoofd. Doe ik dit wel of niet? En dat dan? Mag dit wel of niet? Mag en kan ik naar Duitsland (Markus en Inge), naar België (familie en vrienden), naar Frankrijk (Catelijne en co), naar Spanje (mijn zus)? Wel of niet een mondkapje, quarantaine of knuffelen …?

En natuurlijk was er ook werk dat gedaan moest worden. Maar ook dat werd ernstig beïnvloed door corona. Het grote, jaarlijkse NOB-evenement vond enkel ONLINE plaats. Ik geef les op een NOB-school. Geen échte ontmoetingen met collega’s of uitgevers van taal-methodes. Ook de NOB-dag in Antwerpen met Vlaamse collega’s werd enkele dagen voor de betreffende dag geannuleerd. Balen. Mijn persoonlijke planning was deels gebaseerd op deze dag. Ik kreeg op e-mail-verzoeken vaak de reactie dat de desbetreffende persoon op vakantie was. Zucht. Andere e-mails verdwenen (zogenaamd) in spam-boxen. Tweede zucht.

Tot vijf keer toe was ik in Goes. Of in Tilburg of Rotterdam maar dat was ook voor Goes. Er komt weer een themajaar aan in 2022. Goes Europa. En voor de vijfde keer op rij ben ik daarbij betrokken. Het was fijn om bijna alle bekenden en medewerkers (van weleer) weer te zien. Ik ga er de komende maanden vast veel vaker over schrijven. En een onverwachte brainstorm-ochtend over een nieuw project in Wouw. Tja, wie weet?

Wat waren dan echte hoogtepunten? Ten eerste moet ik zeggen: mijn kleinkinderen weer veel vaker zien. Heerlijk, dat is absoluut nummer één. Spoedig gevolgd door de dagen op de Wahrberg in Duitsland. Lees er mijn stukjes van juli maar op na. Ook de paar dagen in Frankrijk waren heerlijk. Daar zag ik de zee wel, vanuit ‘ons’ appartement in Le Portel (Boulogne sur Mer). Gewoon uit het raam kijken en me dagelijks verbazen over het grote verschil tussen eb en vloed.

Wel veel (oude) vrienden gezien en dat voelt fijn en vertrouwd. Nu nog hopen dat zij ook weer eens naar Mozambique kunnen afreizen. Wees welkom !!! Net onder mijn huid – en soms duidelijk zichtbaar – wroet en wringt het rouwen om Rob, Jean Jacques en Per. Het heeft nog niet echt een plekje gekregen, dat voel ik wel.

Wat heb ik niet gedaan? Nauwelijks een museum van binnen gezien. Ook geen theatervoorstelling of festival bezocht. Geen opera, musical, toneelstuk of cabaret gezien. Mijn geplande dagen in Antwerpen gingen niet door. Ik ben niet naar Spanje gereisd. Deels door Corona-voorschriften, deels door te hoge kosten. Ik was maar twee keer (kort) in Bergen op Zoom. Ook dat had ik anders verwacht. Het dagje met Ender en Icarus in Rotterdam verliep anders dan gedacht want het regende pijpenstelen. Het stiekeme plannetje om een (lang) weekend naar Belfast te gaan (daar woont mijn Mozambikaanse schoonzusje en haar man) bleef bij een (mislukt) plannetje. Had ik al verteld dat Isabel er al die tijd niet bij was? Het is nog steeds lastig om een toeristenvisum te krijgen voor niet-Europeanen. Dus best veel in mijn eentje. Niks mis mee maar samen is toch leuker. Door werkverplichtingen kon ik niet naar mijn geliefde Zundert voor het jaarlijkse corso. Ik had Gea, Meile, Finne, Nore, Aline, Duco en Marjolein, Hilde en Guido, Bona en Andre, Beer, Philipine, Peter, Gerard en Diana, Karel en Ria, Bep, Luuc en Ida, Ton, Ciska, Myriam, Rob en Rebecca, Johan en Els, Rob en Jan, Ineke en Ben … ook graag even gezien en gesproken. (**) Het is er niet van gekomen. Iets van … teveel hooi op een te korte vork … er komt wel een volgende keer. Zomer 2022 of tussen alle werkzaamheden door in Goes in het voorjaar. We gaan het zien.

(*) Op bezoek bij … mag je vrij interpreteren want ik zeg altijd dat ik twee thuizen heb.

(**) Best gevaarlijk zo’n namenlijstje want het is vast en zeker onvolledig. Excuses.